Auteur Topic: GR58 Tour du Queyras nonstop  (gelezen 491 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Magura

  • Elias Van Hoeydonck
  • Ontwikkelingsteam
  • 4Bikers Member
  • Berichten: 2746
  • www.solosride.be
    • solosride.be
GR58 Tour du Queyras nonstop
« Gepost op: 3 oktober 2020 - 17:35 »
GR 58 TOUR DU QUEYRAS nonstop


2020, een vreemd jaar, dankzij corona.
Je kan dan, zoals vele bikers, beginnen klagen omdat alles is afgelast.  Maar klagen lost niks op.  Draai de knop om, en maak van de gelegenheid gebruik om nieuwe dingen te doen. Nog nooit zoveel 3.000'ers gedaan op een jaar, zoals afgelopen zomer (de afdaling van de 3.747 m hoge Aiguille de la Grande Sassière is ne leuke).

Onze verlof voor de gecancelde 8-daagse Alta Via Stage Race in Italië (een aanrader voor wie van een uitdagend parcours houdt, en niet wakker ligt om in tentjes te slapen) hadden we gelukkig kunnen verzetten naar september.  Jammer genoeg was Ultra Raid de la Meije ook afgelast, net zoals IronBike.  Dus zocht ik een andere uitdaging: GR58 Tour du Queyras.


Het opzet is eenvoudig: een lusje van amper 120 km in de Queyras, maar wel volgens internet 8.000 hm (ik registreerde uiteindelijk “slechts” 7.300 hm) verdeeld over 9 cols, waarvan 3 boven de 2.800 m.  Alle afdalingen gaan van begin tot einde over singletrack, alle klimmen steil.  Spek voor mijn bek.
Het overgrote deel van het parcours kende ik al van vroegere tochten.
Een wandelaar doet gemiddeld een 7-tal dagen over deze lus … ik haal het in mijn hoofd om dit in 1 ruk te fietsen.


13/09/20 is D-day.
Om 04h30 word ik na een korte nacht wakker in de daktent, pal naast de snelstromende Guil bij een aanmeerplaats voor rafters.
Na een stevig ontbijt zet ik de helmlamp aan om 05h15.  Eerst een kilometertje vlak rijden om de verzuring van Ultra Raid La Meije de dag voordien eruit te krijgen (de gedachte dat dit nut heeft is veel waard …  ;)), om dan écht te beginnen.

Als startpunt had ik Pont de Bramousse gekozen, 1.200 m.  Enerzijds omdat dit het laagste punt van het parcours is, en mede daardoor de eerste uren in het donker hoofdzakelijk bergop zijn.  Anderzijds omdat je de makkelijkste klim dan helemaal op het einde hebt.

Beginnen dus met Col de Bramousse.  Eerst opwarmen op één van de enigste stukjes asfalt tot het dorpje, dan piste tot Chalets de Bramousse, en tot slot een oerend steile singletrack tot de col (2.251 m).
Ik gebruik zelden Strava, maar dees toereke heb ik er nadien toch is op gezet … het parcours is immers toch geen geheim.  Ondanks ik deze klim geen super gevoel had en op “reserve” omhoog ben gereden (vooral het eerste deel dan … het laatste deel is te stevig om op spaarstand omhoog te rijden), registreer ik op de volledige klim blijkbaar een KOM -snelste tijd ooit- op Strava.

Na 1h19 dus boven op de col.  Ik stop niet, en rits al rijdend mijn truitje dicht … het is frisjes daar boven.  Het is nog pikzwart donker.
De afdaling naar Ceillac is een plezante singletrack met redelijk wat haarspeldbochten.  Maar ook nogal wat fijne losse kiezelbrol.  Mijn 2.35” voorband staat véél te hard, waardoor het voorwiel in het eerste deel geen vertrouwen geeft.  Zelfs ondanks een stop om lucht uit de banden te laten, sla ik erin om blijkbaar nog de 8e snelste tijd ooit te rijden … ’s nachts, zonder dropper.  De IronBike afdaalskills staan nog steeds op punt :-).


Hop, volgende klim op met menu: Col des Estronques (2.651 m).
Nabij Ceillac eerst nog even “rustig” in de vallei.  Lees: ideaal om wat peperkoek te eten.  Maar voordat dat stukje goed en wel achter de kiezen is, verandert de piste in steile singetrack.
De donkerste kantjes van de nacht verdwijnen, de contouren van de bergen beginnen terug zichtbaar te worden, de miljoenen sterren maken plaats voor een steeds lichter kleurende azimut in het oosten, en wat later schijnt de zon al op de hoge bergtoppen in het westen, terwijl de vallei nog duister is.  Het is en blijft een fantastisch schouwspel, daarvoor alleen al loont het de moeite om voor dag en dauw in hooggebergte te zijn (in de vallei zie je daarvan niets).

Na een klein uurtje klimmen is de 2e col van het lijstje gevinkt … nog 7 te gaan.
Hoewel de verleiding voor het leuke stuk tussen col de Bramousse, crête de Chambrettes en verder naar Tête Jacquette groot is, stop ik boven niet en begin direct aan de afdaling.
Eentje van de leuke soort.  Alles singletrack, alles fietsbaar voor wie zich mountainbiker mag noemen, en mooie plaatsen zoals de waterval waar je langs rijdt.
Enkele wandelaars die “in het wild” overnachten, worden wakker en kijken verdwaasd uit hun tent als ik op dit vroege uur voorbij stuif.

Beneden aan de vallée van de Aigue Blanche, gaat het terug omhoog naar Saint-Véran (het op 2 na hoogste bewoonde dorp van Europa).  Dan rustig verder over piste, waar je terug al rijdend wat kan eten, tot aan de kapel van Clausis.
Daar start de singletrack naar Col de Chamoussière, 2.882 m.  Opnieuw van begin tot einde een stijgingsgraad “limiet” om te kunnen fietsen.  Heb je goede benen, geeft het een kick.  Heb je een offday, is het ellende.  Life is simple.
Van de benen sparen is geen sprake, maar ik voel wel dat vandaag deze klimmen goed worden verteerd.

Boven glimlacht de Pic de Caramantran naar mij (1 van de makkelijkere 3.000’ers om met de fiets te doen), maar daar heb ik al een handvol keer op gestaan, en bovendien maakt de afdaling naar Refuge Agnel me ook gelukkig.  Hoewel het de eerste keer is dat ik hem volledig sneeuwvrij kan doen, blijft het met momenten toch een bijzonder stevige en technische afdaling, met dank aan de vele stenen.  De eerste wandelaars van de ochtend die ik tegen kom zijn dik ingeduffeld; ik zeg best niet dat er vandaag al 3 cols onder de wielen zijn gepasseerd.

Intussen klinkt het geluid van enkele moto’s op de Col Agnel, die denken dat ze “vroeg” zijn en daardoor harder omhoog kunnen scheuren.  Ik begin intussen aan m’n 4e klim van de dag: Col Vieux (2.806 m).  Deze klim is vanuit Refuge Agnel niet zo lang.  Volgens Strava zet ik er een 3e snelste tijd ooit neer, op 10 seconden van de 2e snelste.  Who cares … ik ben meer bezig met naar de Pan di Zucchero en Pic d’Asti te kijken (beiden + 3.200 m), waar ik in juli nog op stond tijdens een bijzonder mooi toertje rond de Mon Viso.

De afdaling van Col Vieux naar L’Echalp is een klassieker.  Nicolas Vouilloz (ja, ik ben nog van de oude stempel) zijn oefenterrein.  Er zit zowat alles in de afdaling.  Flowige paadjes, vlakke stukken naast de 2 meertjes, stevigere stukken tussenin, steevast wel ergens een kudde schapen mét patou (afstappen !!), en als toetje nog een behoorlijk slopend stuk beneden door het bos, waar het water de stenen altijd wat glibberig maakt.

Beneden wacht het enigste vlakke stuk van een kleine 5 km om de benen wat los te gooien.
In Ristolas stop ik voor het eerst.  Het is intussen al 11h00 gepasseerd.  De drinkbussen worden gevuld en ik eet wat rijstpap en ander vast voedsel.  Tot nu toe ging het vlot, maar hetgeen moet komen is steviger dan hetgeen al is gepasseerd.

Te beginnen met Collet de Gilly (2.366 m).  Niet meteen de meest ronkende naam of het hoogste punt, maar onbekend is onbemind.
Je start direct vanaf de eerste meter met portage.  De brandende zon zorgt ervoor dat zweet snel opdroogt.  Lees: het warmt aardig op.  Na 400 hm fiets in de nek, kan het zadel terug worden gebruikt … hoewel: enkel het puntje van dat zadel, want om opnieuw portage te vermijden is het alles geven om recht te blijven.

De afdaling naar Abriès, hoofdzakelijk in bos is zéér leuk.  Eigenlijk nog plezanter dan de Col Vieux.  Je moet wel alert blijven, want er zijn meerdere afslagen en mogelijkheden om fout te rijden (of “per ongeluk” via piste naar beneden te rijden in plaats van singletrack … die fout maken we NIET !!).

In Abriès stop ik opnieuw even, eet een stuk lokale kaas (veel beter dan die gellekes  :p) en smeer de ketting.
Ondanks we qua aantal beklimmingen nu over de helft zitten, moet het zwaarste er nog aan komen.
Een lange klim van 1.550 m naar de 2.830 m hoge Col Malrif.
Tot aan de chalets nog piste.  Op het einde van de piste kom ik mijne schat tegen, die daar ook bezig is met een stevig toereke.  Ze moedigt me aan door te zeggen: “vanaf nu is’t portage”.  Even naar boven kijken, leert me dat het LANG is (800 hm).  Behalve het feit dat de tijd dan vrij snel weg tikt, vind ik het helemaal niet erg … een erfenis die je hebt meegekregen na 10 IronBikes (doen we volgend jaar opnieuw mee … natuurlijk !).
Wat wél erger is, is dat opnieuw het pad een schapenkudde doorkruist.  Deze keer hebben tijdens het lopen met fiets in de nek de 3 patou’s wél mijn kuitspieren in de gaten.  Miljaar … ik heb niet snel schrik, maar dit was effe bang hopen dat de herder tijdig zou ingrijpen !  De stevige Shimano MT-91 schoenen bewijzen hun nut … .

Hoewel de 2h15 durende beklimming een aanslag is op zowel je karkas als je gemiddelde, is de omgeving prachtig.  Zeker boven Le Grand Lac du Laus.  Boven aangekomen, stop ik dan ook even een 5-tal minuten om het uitzicht in me op te nemen.

De afdaling naar Fonts de Cervières is de bruutste afdaling van de dag.  Ik slaag erin om alles te fietsen, maar dat kost energie.  Het bovenste deel is écht wel technisch … de rest in feite ook wel ... als hier je maximale veerweg niet wordt benut, is er ofwel iets mis met je vork, ofwel met de afdaalskills.  Jammer genoeg redelijk wat bronwater op het pad, waardoor de fiets vuil wordt en de grip van de banden serieus op de proef wordt gesteld.

Ik heb er honger van gekregen, dus steek beneden nog rap wat peperkoek in m’n mond.
Geen tijd om te bekomen van de stevige afdaling, want het gaat direct terug knal omhoog.  Om je een idee te geven: 1 uur aan een stuk tegen 22% GEMIDDELD, om op de Col Péas te staan, 2.629 m hoog.  Het eerste deel opnieuw portage (al de 3e col op rij), nadien ben ik nog fris genoeg om de Santa Cruz onder m’n kont te steken in plaats van in de nek te leggen.  Volgens Strava de 7e beste tijd ooit, op een zucht van de 5e plaats.  Niet slecht na 12 uur onderweg, hoewel het op de moment zelf toch wel wat slechter aanvoelde.
Boven las ik opnieuw 2 minuten pauze in om een reep naar binnen te werken.  Het grootste probleem van dit brute parcours is, dat er amper tot geen stroken zijn om te eten.  Dat begin ik nu wel stilaan te voelen.

Maar hey, er ligt opnieuw een afdaling te wachten.  De 7e van de dag.  En da’s opnieuw een hele plezante.  Niet zo steil, eerder flow.  Een verademing voor de armspieren.  Het laatste deel naar Souliers wacht nog een aderspat van haarspeldbochten, allemaal fietsbaar.  Heerlijk !

In het dorpje zoek en vind ik een fontaine om terug de drinkbussen te vullen met fris water, en 2 kg zwaarder zet ik terug aan voor de Col du Tronchet.  Met 2.347 m hoogte op papier niet zo’n moeilijke, maar vanaf de eerste meter opnieuw oerend steil omhoog … het blijft de gulden leidraad van de GR58.
In feite is dit pad plezanter om af te dalen.  Maar bon, het is wat is, en ik ram zo hard mogelijk op de pedalen om recht te blijven in de vele bochten … arme Chris King lagers.

De zon geeft geen warmte meer, en het is niet meer aangenaam om lang stil te staan.  Zo snel gaat dat dan in de bergen, medio september.  Het is intussen 18h30 gepasseerd als ik op de top sta, de laatste wandelaars en fietsers zijn al beneden, ik heb het pad terug voor mij alleen.  Boven stop ik niet, rits enkel het truitje dicht en begin de remmen opnieuw warm te stoken naar Brunissard.

In Brunissard vul ik de laatste keer de drankvoorraad terug aan, en ben klaar voor de slotklim naar Col de Furfande (2.500 m).
Volledig over piste ("amper" 10% gemiddeld), een verademing in vergelijking met de vorige klimmen waar het ofwel portage was, ofwel compleet op de limiet qua stijgingsgraad.  De enigste moeilijkheid is dat het omhoog gaat, verder niks ambetant.  Ondanks er al vele uren zijn gepasseerd en vele hoogtemeters door de benen zijn geduwd, gaat het nog vlot tegen gemiddeld 850 à 1.000 hm/u omhoog, en sta op minder dan een uur boven.

Intussen is de duisternis gevallen, en stop boven een laatste keer om terug de lampjes op te zetten.  In geen tijd is het terug volledig pikkedonker.  Het stuk naar Refuge Furfande en Col de la Lauze zijn flowig om opnieuw te wennen aan de duisteris.  Maar verder is het écht een zaak om geen foutjes te maken.  Gelukkig zie je in de duisternis de afgrond niet.
Het laatste stuk in het bos na Les Escoyeres / Les Esponces is zodanig smal, dat de bochtjes té krap zijn en de bomen te dicht bij elkaar staan (of was het stuur dat te breed was), om deftig te kunnen fietsen.  Enigste stukje afdaling van de volledige tocht dat niet fietsbaar was … gemakkelijk over de piste naar beneden rijden kan, maar doe ik NIET.


Om 20h54 sta ik terug aan Pont de Bramousse, en is de lus na 15h36 (totaaltijd) rond.
Amper 120 km (118 km zonder aanloop in het begin, en op het einde terug naar de auto rijden), maar wel 7.300 hm.  De hillfactor ?  61,9.  Dat behoeft geen verdere uitleg.


GR58 Tour du Queyras nonstop: CHECK !
Het is niet hetzelfde gevoel als 3x op het eindpodium van IronBike staan, maar ik ben toch zeer tevreden.

Kan het sneller.  Goh, altijd moeilijk te zeggen.  Allicht wel.  Er kon nog iets sneller worden gereden (anders zou je op de laatste klim niet meer zo fris hebben gezeten).  En als je voldoende assistentie hebt onderweg moet je een pak minder meesleuren; 1 drinkbus ipv 3 liter water + wat reepjes in je achterzakken ipv een zware rugzak maken een verschil.
Maar ik mag zeker niet klagen: nergens een inzinking gehad, goed afgedaald, en sterk geklommen.  Dan ben je een gelukkig mens.

De dag nadien met mijn honnepon de 2-daagse tocht naar Buco di Viso goed overleefd en de dag daarna nog vlotjes kunnen fietsen (en de dag voordien La Meije), dus het recuperatievermogen zit nog steeds op IronBike-niveau.


Voetnoot:
- Bike setup: Santa Cruz Highball, hardtail, 30x51 als kleinste verzet (tip: 28T vooraan is beter voor dit tochtje), Ø 180 mm XTR schijven voor en achter.
- De eerlijkheid gebied me te zeggen, dat niet het integrale parcours van de GR58 is gevolgd.  Op volgende plaatsen zijn er andere wegen gevolgd, omdat anders nog een pak meer portage was: start naar Bramousse, piste van St. Véran naar kapel Clausis, van Abriès naar bergerie Malrif en klim Furfande.
- Gegevens Strava, voor wie dat belangrijk zou vinden.


Who’s next ?

LuckyIron

  • Wim Hermans
  • Modderhater
  • 4Bikers Member
  • Berichten: 1380
    • Wim Hermans
Re: GR58 Tour du Queyras nonstop
« Reactie #1 Gepost op: 3 oktober 2020 - 22:24 »
alleen maar respect !!!

 :045: :045: :045:

Peter

  • 4Bikers Member
  • Berichten: 576
Re: GR58 Tour du Queyras nonstop
« Reactie #2 Gepost op: 12 oktober 2020 - 22:02 »
Amai. Chapeau. Zou ik niet gekund hebben. Alles al gedaan, maarre minder op de fiets als jou. Daar zoveel bergop  fietsen en zeker zoveel cols na elkaar dan hebt ge poer in uw benen. Aan de malrif bergop vanaf fonts de Cervieres slechte herinneringen.(niks dan stenen, niks te fietsen hoewel alleen het einde steil en door losse keitjes is.)
Op de malrif naar het oosten en dan naar beneden over een kam en verder over singletrack, dat ben ik ook nog niet vergeten.
De Queyras is en blijft een pareltje. Maar in de jaren 80 toen ge op veel cols met de vtt den eerste was heb ik er mij toch dikwijls mispakt bergop. Daar heb ik in 86 op de harde manier  geleerd wat nog net bergop te fietsen is en wat niet. Maar was wel hardleers. Een afdaling door gras dat hoger was dan mij puur op kompas(nog geen gps enne toen geleerd dan een 1/100.000 kaart niet echt een goed gedacht is). Maar toch al beter dan de 1/200000 michelins waar ik voordien op navigeerde(wel zeer juiste kaarten, maar info over de klim op zo'n ding is 0.00)
De kleuren in september zijn fantastisch. Geen skiliften.
De camping in Ville Vieille zou die er nog zijn?
Enne die 80 cm sturen, goed om overal te blijven hangen. 58 en 60 dat was er onder maar 80 dat is te breed op veel singletracks, zelfs met barends tussen remmen en shifters.
« Laatst bewerkt op: 12 oktober 2020 - 22:14 door Peter »

PhrAcE

  • Kris De Craemer
  • 4Bikers Crew
  • 4Bikers Member
  • Berichten: 1093
    • bk0ne ProDucTioNzzz - PhraSeR StyLee
Re: GR58 Tour du Queyras nonstop
« Reactie #3 Gepost op: 26 oktober 2020 - 20:42 »
amai, chique dinges. Paar jaar geleden eens over gedacht om 'm met de trekkingrugzak te doen! Wie weet in de toekomst eens al bikepackend... :)